Kunstverlossing

Onder kunstverlossing verstaan we geboren worden m.b.v. een tang, een vacuümpomp of een keizersnede. Door een kunstverlossing ontstaan er veel (trek)krachten op het schedeltje van de baby terwijl bij de geboorte eigenlijk alleen geduwd mag worden. Ook wordt het hoofdje vaak gedraaid om de uitdrijving makkelijke te laten verlopen. Dit zorgt voor spanning op de schedelbasis wat de baby niet ten goede komt.

 

Door zuigkracht van de vacuümpomp kan er een verharding ontstaan in de schedel omdat de botontwikkeling zeer lokaal wordt gestimuleerd. Bij een tangverlossing situeert de compressie en tractie zich vooral thv de slapen en de aangezichtsbotjes. Hierdoor kan het kindje o.a. onrustig worden, slecht slapen, spugen, buikkrampen krijgen, veel huilen en/of een voorkeurshouding krijgen.

 

Bij een keizersnede gaat het baby’tje niet door het geboortekanaal. Hierdoor wordt het baby’tje gespaard van druk op de schedel. Voor de ontwikkeling en de ontplooiing van de schedel is een zekere druk op de schedel belangrijk.
Bij een natuurlijke bevalling ontstaat die druk op de schedel tijdens de passage in het geboortekanaal. Deze druk en het wegvallen ervan is noodzakelijk om kleine fixaties te corrigeren.
Bij een keizersnede kan het baby’tje veel huilen en onrustig zijn omdat het de druk niet ervaren heeft. Een osteopaat tracht dmv zachte technieken de fixaties in het schedeltje alsnog te corrigeren.

Webdesign by Pixelmedia Multimedia Productions  Webdesign by Pixelmedia  |  PHOTOS by photo2  |  Privacy Policy